Zijn steden op water de toekomst nu er gebrek aan ruimte is voor woningbouw? 'Is kwestie van tijd'
In dit artikel:
Onderzoekers van TU Delft werken actief aan de technische en ecologische vragen rond grootschalig bouwen op water, een antwoord op het krimpende bouwgrondaanbod en de druk van klimaatverandering op laaggelegen Nederland. Binnen het project Floating Future bestuderen promovendus Miao Yu en collega’s in een waterbaan hoe drijvende platforms reageren op stroming en golfbelasting en welke effecten zo’n constructie heeft op het watersysteem en het onderwaterleven. Centraal staan praktische problemen zoals bescherming tegen golven en het vermijden van schade aan de ecologie.
Drijvende woningen zijn in Nederland geen complete nieuwigheid: in de Harnaschpolder bestaan al meer dan tien jaar enkele drijvende huizen en in steden als Amsterdam en Rotterdam zijn kleine drijvende wijken gerealiseerd. De komende jaren staan grotere stappen gepland, onder meer in de Rotterdamse Merwehaven waar gepland wordt voor ruim honderd drijvende woningen. Er wordt ook verder gekeken: ideeën variëren tot een Noordzeeplatform van circa één bij één kilometer dat dienst kan doen als basis voor onderhoudsinfrastructuur voor windparken en kabels.
Internationaal lopen sommigen al voorop: in Busan (Zuid-Korea) wordt gewerkt aan Oceanix City, een drijvende stad die uiteindelijk plaats moet bieden aan ruim 100.000 bewoners. Bij TU Delft klinkt de overtuiging dat zo’n stad haalbaar is; universitair hoofddocent Robert Jan Labeur zegt dan ook: "Een drijvende stad is een kwestie van tijd."
Politiek leidt die toekomstvisie tot discussie. Een Kamermeerderheid steunt onderzoeken naar traditioneel inpolderen — moties van ChristenUnie-Kamerlid Pieter Grinwis, gesteund door partijen als VVD en D66, pleiten voor landwinning om ongeveer 125.000 woningen te creëren. Labeur ziet inpolderen vooral als een onnodige tussenstap en herkent er vooral historische nostalgie in. Promovendus Miao Yu benadrukt het aantrekkelijke, flexibele karakter van drijvende platforms: ze zijn verplaatsbaar en modulair, waardoor woonwijken zich kunnen vormen of juist kunnen worden losgekoppeld, wat nieuwe woonvrijheden biedt.
Kortom: technisch en conceptueel staat bouwen op water in Nederland niet meer alleen op de tekentafel. Er is nog veel onderzoek nodig — vooral naar veiligheid en ecologie — maar zowel praktijkvoorbeelden als onderzoeksprojecten laten zien dat drijvende steden steeds concreter worden.